Zo ben jij een superheld voor jouw sporters!

Lore MARGUILLIER   ‐  Maandag 13 jun 2022   ‐   Tweet

Enkele DO's & DON'Ts

Het seizoen loopt bijna op z'n einde of je gaf misschien al je laatste training. Dit is sowieso een goed moment om even te reflecteren over hoe jij jouw rol als trainer invult. Hoe heb jij het dit seizoen aangepakt? Waar wil je volgend seizoen opnieuw op inzetten of wat zou je beter toch wat anders aanpakken? We geven graag enkele do's en don'ts mee om jouw sporters optimaal te begeleiden.



Elke sporter de meest geschikte, kwalitatieve en persoonlijke sportervaring bieden moet jouw doel zijn als trainer. Aangezien elke sporter zich continu verder ontwikkelt, veranderen ook de wensen, noden en behoeften. Het is aan jou als trainer om je hieraan aan te passen.



Als trainer begeleid je sporters voor één of meerdere jaren. Ze hebben vaak eerder al bij andere trainers gesport en zullen ook nadien nog met andere trainers aan de slag gaan. Het is belangrijk dat je dit grotere plaatje - de volledige sportieve carrière van een sporter - in het oog houdt. Elke trainer moet als doel hebben dat de sporter positieve ervaringen beleeft, zijn passie wordt aangewakkerd en hierdoor dus levenslang zal willen blijven sporten en bewegen. 



Jonge sporters moeten een breed scala aan basisbewegingen uit verschillende disciplines en sporten aangeleerd krijgen op een speelse en gevarieerde manier. Zo wordt hun lichaam optimaal ontwikkeld en verhoogt hun lichaamsperceptie in de tijd en ruimte. Hierdoor zijn ze fysiek voldoende sterk, hebben ze een goede portie zelfvertrouwen, kennen ze hun lichaam heel goed en hebben ze veel controle over hoe ze bewegen. Dit is dé ideale basis om daarna meer complexe vaardigheden onder de knie te kunnen krijgen.



Plezierbeleving is de belangrijkste factor om sporters te motiveren. Sporters moeten ook zo veel mogelijk actief zijn tijdens de training en worden zo sterker, leniger, sneller, ... Elke sporter wil sportspecifieke vaardigheden onder de knie krijgen of beter kunnen uitvoeren. In clubverband kan dit allemaal plaats vinden in een aangename en positieve sfeer waar vriendschappen kunnen ontstaan en sterker worden. Al deze ingrediënten zijn noodzakelijk om graag te sporten en te willen blijven sporten. 



Elke sporter heeft doelen nodig om gericht en gemotiveerd te kunnen trainen. Het is heel belangrijk dat deze doelen als haalbaar worden ervaren, en niet té moeilijk of té gemakkelijk zijn. Een sporter moet zich competent voelen en geprikkeld worden om zich verder te ontwikkelen, dit zorgt voor motivatie. Doelen worden daarom best in samenspraak bepaald. Kan jij dit in jouw trainingsgroep of club voor een bepaalde sporter niet bieden? Durf dan tijdig in overleg met de sporter en ouder te gaan en eventueel door te verwijzen naar andere mogelijkheden waar de sporter wel volgens zijn of haar mogelijkheden kan sporten.



Een sporter doorloopt in zijn sportieve carrière heel wat ontwikkelingsfasen. Hierdoor veranderen de wensen, noden en behoeften van een sporter continu. Bij de ene sporter kan de ontwikkeling trager of sneller gaan dan bij een andere sporter. Daarom moet je als trainer jouw aanpak zo veel mogelijk aanpassen op maat van de sporter door te differentiëren. Op die manier hou je echt rekening met de ontwikkeling van de sporter en probeer je elke sporter de beleving te geven die hij of zij nodig heeft.



Je verwacht van jouw sporters maximale inzet, dus geef dit zelf ook. Bereid je trainingen voor, ontwikkel jezelf (door bijscholingen, online inspiratie, sporttechnische programma's, trainingen van andere trainers, ...), wees actief tijdens de training, communiceer duidelijk, ... Training geven is geen gemakkelijke taak en vraagt veel tijd en energie van jou (yes, we know). Maar alleen zo kan je één team vormen met je sporters en samen er voldoening uit halen.



Een sporter is niets zonder zijn of haar trainer, een trainer is niets zonder zijn of haar sporters. Het is dus belangrijk dat trainers en sporters één team vormen met hetzelfde doel voor ogen. Maar ook de andere trainers in de club (zowel recreatie als competitie), als het clubbestuur, als de ouders, als andere betrokkenen vormen samen een team. Neem dit gemeenschappelijk doel, nl. samen bouwen aan sterke sporters, altijd als uitgangspunt in communicatie en samenwerkingen.


Wil je meer weten? Ontdek de 10 basisprincipes hier!

    Reacties op dit bericht

    Om een reactie te plaatsen en reacties te bekijken moet je ingelogd zijn. Inloggen